Ondernemers gebaat bij energieperformant bedrijfsgebouw (1)

Europese regelgeving steeds strenger

16 februari, 2010 - Editie nr. 427

De Europese energieprestatieregelgeving legt steeds strengere milieunormen op: gebouwen moeten energiezuiniger en hun CO2-uitstoot moet omlaag. Bedrijfsleiders en ondernemers hebben er alle belang bij proactief op het nieuwe omgevingsklimaat in te spelen. Bekend is dat in België de energiecomponent duur is en voor bijkomende druk op de concurrentiepositie zorgt. Voor veel familiale ondernemers is het bedrijfspand bovendien een appeltje voor de dorst. Hoe beter dat pand aan de nieuwe milieuvoorschriften beantwoordt, hoe hoger zijn waarde op de vastgoedmarkt van (over)morgen. Niet aangepaste bedrijfspanden lopen het risico op leegstand of dure aanpassingswerkzaamheden.

 

 

Gebouwen zijn verantwoordelijk voor ruim 40% van het totale energieverbruik en de bijhorende CO2-emissie.

 

Het overgrote deel van hun energieconsumptie wordt aangewend voor verwarming (50 à 60%), koeling (3%) en de productie van warm water (10 à 25%).

 

De warmtepomp doet dienst als economische hoofdverwarming en biedt een antwoord op de problematiek van de klimaatopwarming.

 

Zo meent het Internationaal Energie Agentschap (IEA) dat warmtepompen de CO2-uitstoot wereldwijd met 8% kunnen terugdringen.

 

De Europese Unie maakte eerder zijn 20/20/20-strategie bekend.

 

Tegen 2020 wil men de CO2-emissie tot minstens 20% beneden het peil van 1990 terugdringen.

 

Bedoeling is eveneens tegen dan het aandeel van hernieuwbare energie tot 20% op te voeren.

 

Belangrijke ingrepen binnen dit verband zijn de beperking op het gebruik van koelmiddelen, zoals vastgelegd in het Kyoto-protocol, de Europese Energieprestatieregeling, de Eco-design-richtlijn en de RES (Renewable Energy Sources)-richtlijn.

 

Ook in het Vlaamse 20/20/20-plan ligt voor de warmtepomp een cruciale rol weggelegd.

 

 

Spanningsveld

 

 

Gerelateerd naar de uitbaters/eigenaars van een bedrijfspand vertaalt zich dit in een nieuw spanningsveld tussen esthetiek, comfort, kostprijs, energie-efficiëntie, leefmilieu en, niet in het minst, veiligheid.

 

De Europese Richtlijn inzake de energie-efficiëntie van gebouwen noopt eigenaars en investeerders tot een proactieve aanpak.

 

Logisch is dat panden in die vorm worden geconcipieerd en gebouwd die een minimum aan koeling en verwarming vereist.

 

Aansluitend hierop is meer dan gewone aandacht voor de HVAC (Heating - Ventilation - Airconditioning) vereist. Warmtepompen zullen een Europees Ecolabel kunnen krijgen.

 

Dat label zal toegekend worden aan de meest energiezuinige toestellen op de markt.

 

Duidelijk is tevens dat, uit milieutechnische bekommernis, bij de HVAC-systemen de focus dient gelegd op verschillende aspecten, met name de selectie (in functie van de energie-efficiëntie), de installatie (en bijhorende inspectie- en onderhoudskosten) en de productie (met een maximaal energierendement).

 

 

Eco-design

 

 

Aan hardware-zijde eist de EuP-richtlijn een steeds belangrijkere rol op.

 

De Europese Energy using Products-richtlijn legt de nieuwe spelregels vast rond het  milieuvriendelijk ontwerpen van energieverbruikende producten.

 

Daaronder vallen niet alleen de elektrische en elektronische apparatuur, maar eveneens de verwarmingsapparatuur.

 

Op energetisch vlak zijn onder meer verwarmingsketels, waterverwarmers, airconditioners en warmtepompen betrokken.

 

Airconditioning betekent klimaatregeling en dus het op temperatuur houden van de lokalen.

 

Doorgaans denkt men aan een toestel om te koelen, terwijl 90% van deze toestellen op de markt de lokalen als hoofdverwarming verwarmen.

 

In wezen betreft het lucht/lucht-warmtepompen, die met inverter-technologie of frequentiesturing zijn toegerust.

 

Europa evolueert duidelijk in de richting van minimale efficiëntie-eisen.

 

Deze minimumeisen zullen onder andere in het CE-label worden opgenomen.

 

Voorts wordt gewerkt aan een energie-label waarin zowel ketels als warmtepompen zullen worden opgenomen.

 

Bovenop wordt ook het draagvlak steeds breder voor de invoering van een begrip als seizoensefficiëntie.

 

Nu al staat vast dat de inverter-technologie binnen het nieuwe energie-label in het licht van de Ecodesign-richtlijn hoger zal scoren dan de non inverter-technologie.

 

Airconditioning of warmtepompen met inverter-technologie passen het vermogen van de airconditioner of de warmtepomp aan de omstandigheden aan, met energiebesparing tot gevolg, zodat een hoger rendement en dito capaciteit worden bereikt.

 

Deze toestellen met een inverter-gestuurde compressor starten ’s ochtends sneller op zodat de ingestelde temperatuur vlugger wordt bereikt.

 

Zodra die temperatuur is bereikt, past de snelheid van de compressor zich aan de temperatuurschommelingen aan.

 

In een recent verleden deden de inverter-units van de jongste generatie hun intrede in de markt, met name de lucht/lucht-warmtepompen, maar daarover meer in volgende bijdrage.

 

Lucht/lucht warmtepompen onttrekken hun energie aan de buitenlucht en geven die af aan de lucht in de binnenruimtes.

 

Ze werken doorgaans tot bij een buitentemperatuur van -15° C en leveren, afhankelijk van de temperatuur, drie tot vier kWh warmte voor een verbruik van 1 kWh elektrische energie.

 

 

(Bovenstaande reeks kwam tot stand in samenwerking met Daikin Belux. Meer info: 09/244.66.44 of www.daikin.be).

Uit de reeks
Energie
lees alles over
Energie & MilieuIndustrieDAIKIN BELUXArtikels in deze editie
Ook in Energie & Milieu
17 mei, 2012
ELECTRAWINDS N.V.
16 mei, 2012
VITO in China nu ook actief rond geothermie
15 mei, 2012
Vlaams Energiebedrijf